Van losse taal- en leesmethodes naar Taalklasse: "Leerkrachten hoeven niet meer te twijfelen of ze alle kerndoelen dekken."
Interview met directeur Bernadette de Leeuw en leerkracht Sanne Schuring (groep 4) van de Nassauschool (Hilversum).
Na jarenlang gewerkt te hebben met losstaande taal- en leesmethodes, besloot de Nassauschool in Hilversum het taal- en leesonderwijs echt anders aan te pakken. Met een diverse leerlingpopulatie en gemiddeld een zwaar leerlinggewicht was de behoefte aan sterk taal- en leesonderwijs groot. Sinds dit schooljaar werkt de school met de methode Nederlands van Taalklasse. Directeur Bernadette de Leeuw en leerkracht Sanne Schuring (groep 4) vertellen over de overstap en wat dit in de praktijk teweegbrengt.
Hoe zag jullie taal- en leesonderwijs eruit vóór Taalklasse?
Bernadette: “We werkten met traditionele methodes, maar waren daar niet meer tevreden over. Schrijven was bijvoorbeeld echt een gemis. Ook wilden we thematisch werken en vinden we jeugdliteratuur belangrijk. De methodes sloten bovendien niet goed aan op de SLO-doelen. We wilden het echt goed aanpakken.”
Sanne: “We zagen dat leesmotivatie vaak matig was, vooral bij zwakkere lezers. Dat probeerden we te ondervangen met een leesconsulent voor boekpromotie en een rijkgevulde schoolbibliotheek, maar het bleef een uitdaging. Toen kwam Taalklasse in beeld.”
Waarom kozen jullie voor de methode Nederlands van Taalklasse?
Bernadette: “Taalklasse sluit precies aan bij wat wij zochten: rijke teksten, jeugdliteratuur, thematisch werken, een duidelijke focus op schrijven en aansluiting bij de SLO-doelen. Leerkrachten hoeven niet meer te twijfelen of ze alle kerndoelen dekken.”
Sanne: “Leerlingen werken aan alle taaldomeinen — lezen, schrijven, mondelinge taalvaardigheid én aandacht voor taalverzorging. En dat alles binnen een thema waar je langere tijd aan werkt.”
Wat is het sterkste element van de methode Nederlands?
Sanne: “Wat mij vooral aanspreekt, is dat taal steeds in een betekenisvolle context wordt aangeboden. Leerlingen werken binnen één kennisthema met verschillende tekstsoorten. In groep 4 lezen ze binnen een blok bijvoorbeeld een fictief verhaal (uit Zepie van Janneke Schotveld), non-fictie over Astrid Lindgren, poëzie en een informatieve tekst over stokpaardjes.
De woordenschat wordt verrijkt doordat woorden in verschillende teksten steeds terugkomen en zo beter beklijven. De videolessen met kinderboekenschrijvers werken ook sterk motiverend.”
Bernadette: “Alles hangt binnen de methode Nederlands met elkaar samen, waardoor het logisch en overzichtelijk voelt voor zowel de leerlingen als het team.”
Hoe ervaren leerlingen de methode?
Bernadette: “De methode heeft echt wat teweeggebracht op school. Kinderen zeggen nu: ‘Ik moet terug naar de klas, anders gaat het van mijn leestijd af!’ In de eerste weken werd ik zelfs gebeld door een ouder die zei: ‘Wat doen jullie op school? Mijn kind had een hekel aan lezen en is ineens enthousiast aan het lezen geslagen!’
Sinds de start met Taalklasse zijn er honderden nieuwe boeken in de school gekomen, wat de nieuwsgierigheid vergroot. We zien dat leerlingen gevarieerdere boeken van een hoger niveau kiezen. Ook schrijven ze met veel enthousiasme.”
Sanne: “Kinderen doen actief en enthousiast mee en steken elkaar daarin aan. Je merkt echt dat de betrokkenheid groter is.”
En leerkrachten? Hoe ervaren zij het werken met de methode Nederlands?
Bernadette: “Leerkrachten delen in de teamkamer enthousiast hoe lessen zijn verlopen en hoe mooi leerlingen schrijven. Dat heb ik bij geen enkele andere methode zo meegemaakt. Ook collega’s die minder met lezen hadden, raken nu zelf enthousiast – en dat werkt door in de klas.”
Sanne: “Voor leerkrachten is het ook praktisch: de lessen zijn duidelijk opgebouwd en makkelijk voor te bereiden.”
Welke eerste resultaten zien jullie?
Bernadette: “In de korte tijd dat we nu met Taalklasse werken, zien we al groei in het AVI-lezen. Dat is veelbelovend, zeker omdat een methode vaak tijd nodig heeft om echt effect te laten zien. Juist daarom zijn we blij dat we nu al een positieve ontwikkeling zien.”
Vragen over het gebruik van de methode Nederlands op deze school? Mail dan aan directeur Bernadette de Leeuw (b.deleeuw@proceon.nl).